Terug naar hoofdinhoud

Tel. 015 310 8873 | info@westmaasmakelaardij.nl

Provincie Zuid-Holland scherpt bescherming buitengebied verder aan

De provincie Zuid-Holland heeft recent haar omgevingsbeleid verder aangescherpt. Hoewel de wijzigingen op het eerste gezicht technisch van aard lijken, kunnen zij in de praktijk grote gevolgen hebben voor grondeigenaren, agrarische ondernemers, ontwikkelaars en overheden.

De rode draad is duidelijk: behoud van open ruimte, zorgvuldig ruimtegebruik en bescherming van het landelijke gebied krijgen een steeds prominentere plaats binnen het provinciale beleid. Nieuwe ontwikkelingen buiten bestaand stads- en dorpsgebied worden kritischer beoordeeld dan voorheen.

Voor agrarische ondernemers betekent dit enerzijds een versterking van de positie van de landbouw. Agrarische gronden worden nadrukkelijk gezien als een belangrijke drager van het landschap en de regionale economie. Anderzijds wordt het steeds lastiger om ontwikkelingsmogelijkheden gebaseerd op functiewijziging, woningbouw of niet-agrarisch gebruik als vanzelfsprekend te beschouwen.

Ook voor eigenaren van vrijkomende agrarische bebouwing (VAB-locaties / ruimte voor ruimte ontwikkelingen) verandert de praktijk. Waar in het verleden regelmatig werd gekeken naar mogelijkheden voor herontwikkeling naar wonen of andere functies, ligt de nadruk tegenwoordig veel sterker op ruimtelijke kwaliteit, landschappelijke inpassing en de vraag of een ontwikkeling daadwerkelijk bijdraagt aan de doelen van het gebied. Het enkele feit dat bebouwing wordt gesloopt of dat een locatie vrijkomt, biedt niet automatisch meer perspectief op (nieuwe) bouwrechten.

Daarnaast wordt binnen verschillende beschermingscategorieën steeds nadrukkelijker gekeken naar het behoud van openheid en landschappelijke samenhang. Ontwikkelingen die leiden tot versnippering van het landschap, extra bebouwing of een verdere verstedelijking van het buitengebied zullen uitgebreider moeten worden onderbouwd.

Voor agrarische ondernemers en eigenaren van vastgoed in het buitengebied betekent dit dat planologische mogelijkheden steeds minder vanzelfsprekend zijn. Initiatieven die enkele jaren geleden mogelijk nog kansrijk waren, kunnen tegenwoordig op meer weerstand stuiten vanuit provincie of gemeente. Denk daarbij aan de omzetting van agrarische bedrijfswoningen naar burgerwoningen, de realisatie van extra woningen op een erf, de vestiging van niet-agrarische bedrijvigheid of de ontwikkeling van recreatieve functies.

Ook voor grondeigenaren met grondposities aan de randen van dorpen en steden is deze ontwikkeling relevant. De provincie zet nadrukkelijk in op bouwen binnen bestaand stedelijk gebied en het behoud van groene zones tussen kernen. De verwachting dat agrarische grond op termijn een woningbouwbestemming zal krijgen, is daardoor minder vanzelfsprekend dan voorheen.

Voor eigenaren van agrarische bedrijven die nadenken over bedrijfsbeëindiging of bedrijfsopvolging wordt een goede analyse van de planologische mogelijkheden steeds belangrijker. De waarde van een locatie wordt immers niet alleen bepaald door het huidige gebruik, maar ook door de toekomstige ontwikkelingsmogelijkheden. Juist op dat punt wordt het provinciale beleid steeds bepalender.

Tegelijkertijd biedt de aangescherpte bescherming van het buitengebied ook kansen. Voor blijvende agrarische bedrijven ontstaat meer zekerheid over het behoud van het agrarische karakter van hun omgeving. De druk van verstedelijking, functiewijzigingen en versnippering van het buitengebied wordt hierdoor in veel gebieden beperkt.

Voor eigenaren van agrarisch en landelijk vastgoed wordt het daarom steeds belangrijker om niet alleen naar de huidige bestemming te kijken, maar ook naar de feitelijke planologische mogelijkheden en beperkingen van een locatie. Dat geldt bij aankoop en verkoop van vastgoed, maar zeker ook bij investeringsbeslissingen, bedrijfsuitbreiding, bedrijfsbeëindiging, bedrijfsopvolging en herontwikkeling van erven.

Een deskundige analyse van beleid, bestemmingen en ontwikkelingsmogelijkheden kan daarbij het verschil maken tussen realistische verwachtingen en kostbare misverstanden. Juist nu provinciaal en gemeentelijk beleid steeds bepalender worden voor de gebruiks- en ontwikkelingsmogelijkheden van vastgoed, is een goed inzicht in de juridische en planologische positie van een locatie belangrijker dan ooit.